Georgië is een van de oudste wijnlanden ter wereld. Al duizenden jaren wordt hier wijn gemaakt. Het land telt zeven belangrijke wijnregio's, elk met een eigen klimaat, eigen druivenrassen en een eigen wijncultuur. Van het zonnige, droge Kachetië in het oosten tot de vochtige, subtropische kust aan de Zwarte Zee.

De Likhi-keten, een uitloper van de Kaukasus, verdeelt Georgië in een droger oosten en een vochtiger, milder westen. Dat verschil proef je terug in de wijn. Verschillende regio's hebben bovendien verschillende tradities. Overal wordt (naast ‘gewone’ wijn) wijn gemaakt in qvevri's: enorme aardewerken ‘potten’, ingegraven in de kelder van het wijnhuis.
In het oosten van Georgië, en vooral in Kachetië, gisten witte druiven traditioneel maandenlang (vaak circa zes maanden) met hun schillen in qvevri. Dat levert stevige amberkleurige wijnen op. In het westen van het land, bijvoorbeeld in Imeretië, heet deze qvevri een ‘churi’ of ‘lagvani’ en is het schilcontact veel korter, waardoor de wijnen lichter en frisser zijn.
De wijnregio Kachetië, in het uiterste oosten, is veruit de belangrijkste van het land: ruim twee derde van alle Georgische wijn komt hier vandaan. Het hart is het dal van de rivier de Alazani, tussen de Grote Kaukasus in het noorden en het Tsiv-Gombori-gebergte in het zuiden. Kachetië telt meer herkomstbenamingen dan welke andere regio ook. Op de linkeroever liggen onder meer Kvareli, bekend om droge rode wijn van Saperavi, en Kindzmarauli, de beroemdste halfzoete rode wijn van Georgië. Op de rechteroever liggen Tsinandali, de klassieke droge witte wijn van Rkatsiteli en Mtsvane, en Mukuzani, een krachtige, diepgekleurde Saperavi. Naast grote wijnhuizen maken hier honderden kleine familiebedrijven hun eigen wijn, vaak in qvevri.
De wijnregio Kartlië ligt rond de hoofdstad Tbilisi en is het historische hart van Georgië. Qua volume valt Kartlië in het niet bij Kachetië, maar er gebeurt veel interessants. Wijnmakers brengen verwaarloosde Sovjetwijngaarden weer tot leven en herontdekken vergeten druiven als Chinuri, Goruli Mtsvane, Tavkveri en Shavkapito. Kartlië telt twee herkomstbenamingen: Bolnisi in het zuiden, waar in de negentiende eeuw Zwabische kolonisten wijn maakten, en Ateni in het noordwesten, bekend om de van nature mousserende Atenuri-wijn.
De wijnregio Imeretië in West-Georgië is de op één na grootste en waarschijnlijk de meest gevarieerde van het land. Het klimaat is vochtig en wordt getemperd door de Zwarte Zee. De wijn wordt gemaakt in de churi, met een kort schilcontact, wat lichte en frisse wijnen oplevert. Witte druiven als Tsolikouri, Tsitska en Krakhuna voeren de boventoon. Bij de rode druiven varieert het van de krachtige Otskhanuri Sapere tot lichtere rassen als Dzelshavi en Aladasturi.
De wijnregio Ratsja-Letsjchoemi ligt hoog in de bergen in het noordwesten, langs de bovenloop van de rivier de Rioni. Ratsja is beroemd om de halfzoete rode Khvanchkara van Aleksandrouli en Mujuretuli, Letsjchoemi om de halfzoete witte Tvishi van de Tsolikouri-druif. Tegenwoordig laten steeds meer wijnmakers zien dat hier ook uitstekende droge wijnen kunnen worden gemaakt, vaak van vergeten rassen als Rachuli Tetri.
De wijnregio Samegrelo, ook bekend als Mingrelië, ligt tussen de Zwarte Zee en de bergen van Svaneti. In de negentiende eeuw waren de frisse rode en witte wijnen uit deze streek zeer geliefd. Maar schimmelziekten, de Druifluis en de Sovjetplantages voor thee en fruit maakten daar een einde aan. Een kleine groep enthousiastelingen probeert de wijnbouw nu nieuw leven in te blazen.
De wijnregio Goerië ligt aan de Zwarte Zee, tussen Samegrelo en Adzjarië, en is de vochtigste regio van Georgië. Het is altijd een bescheiden wijngebied geweest, zonder grote wijnhuizen. Goerië staat vooral bekend om lichte, levendige rode wijnen met frisse zuren, van inheemse druiven als Chkhaveri, Ojaleshi, Jani en Skhilatubani. Een kleine groep wijnboeren probeert de regio weer op de kaart te zetten door oude kennis te combineren met moderne inzichten.
De wijnregio Adzjarië ligt in het uiterste zuidwesten, tegen de Turkse grens, met de kustplaats Batoemi als bekendste stad. Door de lange Ottomaanse overheersing kwam de wijnbouw hier pas in de Sovjettijd echt op gang. De belangrijkste druif is de Tsolikouri. Van de blauwe Chkhaveri-druif worden vooral lichte, halfdroge rosés gemaakt. Daarnaast heeft Adzjarië een eigen inheemse druif, de Satsuravi.
Wie Georgische wijn wil leren kennen, begint meestal in Kachetië. Maar juist de kleinere regio's laten zien hoe gevarieerd het land is: van amberkleurige qvevri-wijn en krachtige Saperavi uit het oosten tot lichte, frisse rode wijnen uit het westen en halfzoete klassiekers uit de bergen van Ratsja.